De kat en inentingen

Tegen welke ziektes kan ik mijn kat laten enten?

De belangrijkste vaccinaties in Nederland zijn tegen de kattenziekte en de niesziekte.
De entingen worden voor alle Nederlandse katten (ook de dieren die niet buiten komen!!) geadviseerd.
Wanneer u uw kat meeneemt naar het buitenland is een vaccinatie tegen hondsdolheid (rabiës) verplicht.
Er zijn ook entingen mogelijk tegen chlamydia, leukemie en FIP (feline infectieuze peritonitis), maar deze worden niet standaard gegeven. Indien u deze enting toch wil hebben voor uw kat, bespreek dan de voor- en nadelen met uw dierenarts.

Wat zijn katten- en niesziekte nu eigenlijk?

Kattenziekte is een virus dat zorgt voor een sterk verminderde afweer. Door het virus zal de kat veel minder witte bloedcellen hebben en hierdoor neemt de afweer sterk af, waardoor ook andere ziekten kunnen toeslaan.
Andere problemen bij kattenziekte zijn vaak te zien in het maagdarmkanaal, bijvoorbeeld door braken, diarree en uitdroging.
Omdat de katten ernstig ziek worden en erg verzwakken overleven ze kattenziekte vaak niet.
Wanneer een drachtige poes besmet raakt kunnen de kittens geboren worden met ernstige hersenafwijkingen.
Dit virus kan jarenlang in de omgeving blijven bestaan en voor besmettingen zorgen. Maar door tijdige vaccinatie is veel leed te voorkomen!
Niesziekte is een verzamelnaam voor verschillende ziekteverwekkers die luchtweginfecties kunnen veroorzaken. Het ziektebeeld kan variëren van een lichte verkoudheid tot ernstige en soms dodelijke luchtweginfecties. Ook kunnen de problemen na besmetting chronisch worden en een kattenlevenlang voor problemen zorgen. Hoe een kat de ziekte doormaakt is afhankelijk van een heleboel factoren, bijvoorbeeld leeftijd en weerstand van de kat, welke ziekteverwekker het veroorzaakt, stress enz. De inenting zorgt ervoor dat de vervelendste ziekteverwekkers niet of moeilijk kunnen toeslaan.

Wanneer kan ik mijn kat het beste laten enten?

Om uw kat vanaf het begin goed te beschermen tegen katten- en niesziekte is het het beste om een kitten op de leeftijd van 9 en 12 weken te laten enten (bij hoog risico op besmetting kan ook op 6 weken al geënt worden en op 9 en 12 weken opnieuw).
Wanneer uw kat ouder is dan 9 weken of al langer dan 2 jaar geen vaccinatie heeft gehad, raden wij u aan om de enting (opnieuw) tweemaal te laten geven met een tussentijd van 3 tot 4 weken. De tweede ('booster'-injectie) zorgt voor een betere en langere bescherming. Daarna moet de vaccinatie bij alle katten jaarlijks herhaald worden om de bescherming optimaal te kunnen houden.
N.B. Ondanks dat onze katten- en niesziekte vaccinatie een jaar werkt, willen sommige pensions toch dat de vaccinatie niet langer dan 6 maanden voor het pensionbezoek is gegeven.

Mijn katten komen nooit buiten, moeten ze dan toch geënt worden?

Ja, ook de kat die binnen zit kan in aanraking komen met de bovengenoemde virussen. De ziektekiemen kunnen meegenomen worden aan onze handen, kleren of onder onze schoenen. Omdat deze katten in verhouding met katten die buiten komen ook veel minder weerstand opbouwen kan het in contact komen met de virussen juist voor veel grotere problemen zorgen. Kort om, een binnenkat heeft minder kans om de virussen tegen te komen, maar als het gebeurt zijn de gevolgen vaak nog veel groter!


Mail naar info@diermedicus.nl


Voor het laatst bijgewerkt op 6 juni 2007